In de cao KPN NV is bepaald dat medewerkers van de groep Retail in aanmerking komen voor een extra beloning wanneer ze een bepaald percentage aan omzet behalen. KPN Retail verhoogt dit percentage per 1 augustus 2008 van 75 naar 85 procent, zonder instemming te vragen. De or stelt dat het besluit instemmingsplichtig is omdat er sprake is van wijziging van een beloningssysteem. KPN betwist dit en stelt dat het besluit betrekking heeft op de hoogte van de beloning die kan worden verkregen. Dat is een primaire arbeidsvoorwaarde, waarvoor geen instemmingsrecht geldt.
Kantonrechter
De kantonrechter stelt vast dat werknemers op grond van het Payplan een aantal punten kunnen behalen. Deze punten scoort een werknemer naar de mate waarin hij targets (omzetsdoelen) behaalt. Per speerpunt wordt op basis van doelstellingen op winkelniveau het aantal te behalen punten bepaald. KPN heeft nu besloten dat voor het speerpunt ‘mobiele abonnementen nieuw’ geldt dat pas bij het behalen van 85 procent van de target punten worden behaald in plaats van bij 75. Het gaat hierbij volgens de kantonrechter om een wijziging in de criteria waaraan voldaan moet zijn, willen de medewerkers in aanmerking komen voor een extra beloning. Er wordt geen wijziging gebracht in de systematiek of methodiek waarmee bepaald wordt of een werknemer wel of niet voor een extra beloning in aanmerking komt. De aanspraak op de extra beloning blijft afhankelijk van het behalen van een percentage van de target. De wijziging van het percentage leidt derhalve op zichzelf niet tot een systeemwijziging. De wijziging heeft wel directe gevolgen voor de hoogte van de beloning, omdat medewerkers als gevolg ervan minder snel voor een extra beloning in aanmerking zullen komen. Maar ook daarvoor komt de or geen instemmingsrecht toe.
Commentaar
Het blijft bijzonder lastig om te bepalen wanneer een regeling wel of niet onder het instemmingsrecht valt, zeker als er beloningen aan de orde zijn. Art. 27 WOR zit vooral op beloningssystemen en niet op de hoogte van het loon. Het is wel mogelijk om de or op dit gebied bevoegdheden toe te kennen, maar daarmee moet dan de ondernemer instemmen op basis van art. 32 WOR. Dit maakt het echter wel lastig omdat bij elke wijziging van een regeling moet worden beoordeeld of hier het systeem van berekening of de hoogte van de beloning wordt gewijzigd. Soms bevat het besluit elementen van beide.
Het zou veel eenvoudiger worden als de wetgever ook de primaire arbeidsvoorwaarden onder het instemmingsrecht zou brengen. Maar door verdeeldheid onder de sociale partners is dat er tot op heden niet van gekomen. Het gevolg is dat de bemoeienis van de or met beloningssystemen zich vaak beperkt tot technische kwesties.
Kantonrechter ‘s-Gravenhage, 1 december 2008, JAR 2009/6
Meer interessante en relevante jurisprudentie vindt u in Rechtspraak voor Medezeggenschap.












