Daarvoor waarschuwt RIWA-Rijn, de vereniging van waterleidingbedrijven die Rijnwater gebruiken voor de bereiding van drinkwater. Om verhoogde concentraties te voorkomen, pleit de vereniging voor een Europese milieunorm voor lithium in oppervlaktewater. De oproep staat in het jaarrapport van RIWA-Rijn.
Langs deze rivier zijn verschillende activiteiten gepland die waarschijnlijk gaan zorgen voor lozingen van lithiumhoudend water, zoals een lithium-electrolysefabriek en een batterijen-recycingfabriek. Gerard Stroomberg, directeur van RIWA-Rijn: “Die fabrieken vragen vergunningen aan voor het lozen van water, dat gaat ongetwijfeld lithiumhoudend zijn. Om te weten welke eisen je dan kunt stellen, moet je weten wat een veilige concentratie is.”
Dalende concentraties
De Europese Commissie kent nog geen norm voor lithium in oppervlaktewater. De Amerikaanse milieudienst EPA hanteert wel een voorzorgsnorm (10 µg/l). Het Nederlandse KWR Water Research Institute (KWR) adviseert voor drinkwater een richtwaarde van (7,5 µg/l.2) en het RIVM heeft met het oog op biodiversiteit in zoet oppervlaktewater een milieurisicogrens genoemd van (11 µg/l). RIWA-Rijn rapporteert in de Rijn nu concentraties rondom die normen.
De concentratie lithium in de Rijn daalde de afgelopen jaren juist vanwege het stoppen van mijnbouwactiviteiten, zoals de winning van bruinkool en antraciet in Duitsland. Maar met nieuwe geplande activiteiten voor grondstofwinning en recycling maakt RIWA-Rijn zich toch zorgen. Stroomberg: “Lithium komt van nature voor in rivierwater, maar er zijn ook nadrukkelijk grote industriële bronnen in vooral Noord-Rijn Westfalen.”
Zijn vereniging vreest voor een herhaling van de vervuiling van de Rijn in de jaren zeventig, met hoge concentraties van zware metalen als lood en koper. Het jaarrapport noemt dat het decennia kostte om die niveaus – destijds zes keer hoger dan nu - omlaag te brengen.
Beter aan zee
RIWA-Rijn erkent het belang van de energietransitie en noemt een Europese lithiumproductie zelfs ‘noodzakelijk’ om geopolitieke afhankelijkheden te kunnen verminderen. Maar dat moet wel met beleid gebeuren. Landen rondom de Rijn kunnen zelf beleid opstellen om het water te beschermen, maar het ligt volgens Stroomberg voor de hand – ook met het oog op een ‘level playing field’ - om dat Europees te regelen. RIWA-Rijn doet daarom een oproep aan de Europese Commissie voor structureel onderzoek naar de risico’s van lithium, milieukwaliteitsnormen en bijbehorende grenswaarden voor vergunningen.

Moet de overheid dan vergunningen voor fabrieken die zich bezighouden met lithium niet meer verstrekken? Stroomberg: “Je zou je bij zo’n aanvraag kunnen afvragen of een fabriek wel op de juiste plek komt. Misschien kun je die beter aan de kust neerzetten. In zeewater zit al betrekkelijk veel lithium, dus daar is de impact van lozing kleiner. Ook dan moet je nog steeds kijken naar wat veilig is. Daarvoor moet je dus normen vaststellen.”
Lithium als medicijn
Lithium wordt ook gebruikt als medicijn tegen mentale aandoeningen en er zijn zelfs onderzoeken die uitwijzen dat een hoge concentratie lithium in drinkwater samenhangt met minder zelfdoding. Die literatuur kent Stroomberg ook. “Lithium doet iets met je brein, daar is geen enkele discussie over. Het effect op zelfdoding is heel positief. Maar dat roept bij mij wel de vraag op wat er gebeurt als je opgroeit in een lithiumrijk gebied, waarin je vanaf voor je geboorte wordt blootgesteld aan hoge concentraties lithium, en dan verhuist naar een lithium-arm gebied. Wij gaan ook niet voor de ‘nul’, maar we vragen ons af wat veilig is. Die vraag moet worden beantwoord.”









