Bork hakt de knoop door en sloopt nu ook emissieloos

Bork hakt de knoop door en sloopt nu ook emissieloos
Voor totaalsloop gebruikt Bork een Hyundai 260E. Het puin wordt afgevoerd met een Volvo FMX electric; in dit geval met een kiptrailer. Foto: Jan Willem van Vliet

Toen de Bork Groep met een opdrachtgever in gesprek raakte over emissieloos slopen, hakte directeur Jan Bork de knoop door. Hij schafte alvast een elektrische 30-tons rupskraan aan.

Of het nu gaat om renovatiesloop of totaalsloop, Bork Groep uit het Drentse Stuifzand kan opdrachten tegenwoordig volledig emissieloos uitvoeren. Het bedrijf is nu bijvoorbeeld bezig met een groot project dat circulair en emissieloos gesloopt moet worden. In de gebouwen draaien een elektrische minikraan, een minishovel, loaders en knikmopsen voor de demontage van onderdelen. Buiten draait een elektrische dertigtons rupskraan-Hyundai 260E voor de totaalsloop. En het gebroken puin wordt afgevoerd met een elektrische vrachtwagen van Volvo.

Eerste ter wereld

De vrachtwagen is uniek in zijn soort – echt de eerste en enige ter wereld - door zijn opbouw. “De elektrische vrachtauto is geleverd door Nijwa; Hyva heeft de opbouw gemaakt”, vertelt directeur en grootaandeelhouder Jan Bork. “Bijzonder is dat het een combinatie-auto is. De vrachtwagen is geschikt voor een kiptrailer en ook voor een dieplader om de kraan te vervoeren. Daarnaast is nog een demontabel portaalsysteem bijgeleverd voor vervoer van containerbakken. Daarmee zijn we voorbereid op de emissieloze zones waardoor je straks met een diesel de binnenstad niet meer in komt.” Dat was voor Hyva wel een hele zoektocht, zegt Bork. “Niet alleen vanwege de benodigde hydrauliek, maar ook voor de typegoedkeuring door de RDW voor deze verschillende functies.”

Straks wordt het een sport om zo lang mogelijk met de accucapaciteit te doen”

Bij de aanschaf van de Volvo koos Bork voor het grootste beschikbare accupakket. “Daarmee hebben we een actieradius van 250 tot 300 kilometer, inclusief laden en lossen. Zo kunnen we een volledige dagproductie draaien.” Planners moeten er dan wel rekening mee houden dat de vrachtwagen niet op de lange afstand wordt ingezet, aldus Bork. “Anders moet er op het tracé tijd en plaats worden ingepland voor een tussentijdse laadsessie. Bij een emissieloze bouwplaats zou dat ook laden op locatie kunnen zijn.”

Grote trekkracht

De vrachtwagen is splinternieuw en draait nog maar net. Chauffeur Manuel is er direct enthousiast over. “Dat had ik niet verwacht, want ik ben wel een echte dieselman. Maar het is ook een heel mooie vrachtwagen met heel veel trekkracht. Je moet wel op je snelheid letten. Ik zet hem op 80 of 82 km per uur. Sneller moet je eigenlijk niet willen, is mij verteld, want dat laatste beetje gaat heel veel energie kosten. Ik ben het nu vooral nog aan het uitvogelen. Straks wordt het een sport om zo lang mogelijk met de accucapaciteit te doen.” Bork vult aan: “We hebben er ook bewust voor gekozen dat alle assen op te tillen zijn, ook daarmee kun je energie besparen.”

“Het is wel een hele omslag voor de mannen”, zegt algemeen directeur Alfred Echten. “Je moet iemand hebben die het wil en die het leuk vindt. En ook de planning moet eraan wennen.”

Allround sloopmachine

Het slopen van gebouwen en het laden van de vrachtwagen gebeurt met de nieuwe elektrische Hyundai 260E. Een dertigtons rups, waarmee Bork beschikt over een allround inzetbare elektrische machine. Ook deze machine wordt voorzien van het zwaarste accupakket, zodat een dagproductie kan worden gedraaid. “Dat is op dit moment nog niet zo. We draaien nu nog met drie pakketten van elk 130 kilowatt, maar we krijgen drie keer 195 kilowatt. De drie batterijen werken samen en zijn gekoppeld met een batterijmanagementsysteem”, vervolgt Bork. “Met wat we nu hebben, kunnen we ongeveer zeven uur per dag draaien. Met het grotere pakket is het dus geen enkel probleem om een volle dag of zelfs negen of tien uur te draaien, ook niet in het zwaardere werk.”

Machinist Roy beaamt dat. Met het huidige accupakket let hij heel bewust op de accucapaciteit. “Je bent toch meer bezig met de planning en kijkt wat je nog wel en niet kunt doen met de resterende accucapaciteit. Ook let je op je rijafstanden. Als je ergens naartoe moet rijden omdat er een vrachtauto geladen moet worden, kijk je ook gelijk of je daar in de buurt nog andere werkzaamheden hebt. Dat voorkomt dat je nog een keer moet rijden.” Niettemin is Roy enthousiast over de machine. Zij werkt soepel en is stil. Die stilte is overigens vooral buiten de machine merkbaar. “Bij het draaien is het vooral de hydrauliekmotor die je hoort in de cabine en dat is geen verschil met een andere kraan.”

Machinist Roy maakte de overstap naar elektrisch. Met het huidige accupakket let hij extra op de inzet en planning. Foto: Jan Willem van Vliet

Op en naast de machine te laden

Dat Bork koos voor Hyundai had meerdere redenen. Er was een uitvoerder die er eerder op gedraaid had en daar enthousiast over was. Leverancier Van der Spek zit op redelijk korte afstand in het Overijsselse Hardenberg en Bork kwam op de Infra Relatiedagen in Hardenberg in gesprek met het bedrijf. De leverancier kon leveren wat hij zocht: een dertigtonner waarvan het verwisselbare accupakket groot genoeg was en dat zowel op de machine als los kan worden opgeladen. Bork: “Wij wilden beide mogelijkheden openhouden. Je doet iets nieuws, waarvan je nog niet weet hoe het uitpakt. Inmiddels is al wel duidelijk dat we de batterijen op de machine houden. Op het project waar we nu draaien kan de machine gewoon aan de stekker. We hebben onze eigen snelladers gekoppeld aan het trafohuisje op het terrein. Als dat op een project niet kan, brengen we een powerpack naar de bouwplaats. We brengen liever de stroom naar de machine dan dat we de batterijen eraf gaan halen.” Dat heeft vooral met logistiek te maken. “Je hebt een extra kraan nodig om de batterijen eraf te halen en terug te plaatsen.”

We letten nu echt op het energieverbruik”

Van der Spek leverde de machine, met ombouw door UMS, “uiteraard in nauw overleg met Hyundai", verzekert Bork. “Dat komt behoorlijk precies, bijvoorbeeld met het contragewicht. Een groot deel van het contragewicht is vervangen door de batterijen, die ongeveer 1.250 kilo per stuk wegen. Dat gewicht moet precies goed verdeeld zijn omdat je anders extra slijtage krijgt in de draaikrans en dus problemen krijgt met je garantie”, schetst Bork een van de aandachtspunten.

De Hyundai 260E beschikt over alle noodzakelijke tools, waaronder een sorteergrijper, een schaar, een vergruizer, een sloophamer en een magneetblok. Om snel te kunnen wisselen van tools is de machine voorzien van een volautomatisch snelwisselsysteem van OilQuick. “Dat hebben we op al onze machines zitten.” Het energieverbruik van de tools is wel een aandachtspunt. “We gaan nu een nieuwe vergruizer en schaar aanschaffen en gaan proefdraaien met verschillende merken. We letten nu echt op het energieverbruik.”

Sloop binnenzijde

Voor sloopwerk binnen werkt Bork met onder meer Conmeq-loaders, een knikmops en een JCB-minikraan. “Met de Conmeqs en knikmops kunnen we prima een dag draaien. Die knikmops heeft ook de accutechniek van UMS. De JCB-minikraan is alweer drie jaar oud en is af-fabriek elektrisch. Die haalt net geen volle dag. Dan zie je wel hoe snel de technologie zich ontwikkelt.”

Dat de techniek snel verbetert, weerhield Bork er dus niet van nu al verdere stappen te ondernemen. “Dit is de ontwikkeling. Daar willen we graag in meegaan. We willen laten zien dat het kan. We waren al overgestapt naar machines die voldoen aan de hoogste emissienormen. Wij vervangen vrachtwagens om de zes jaar en kranen om de zes jaar of tienduizend uur, om te voorkomen dat je in reparaties terechtkomt of stil komt te staan. Alle vrachtwagens zijn al Euro 6. We hebben nog één Stage IV-kraan, maar die gaat er volgend jaar uit. Dan is alles Stage V.’

“We zien ook dat de markt erom vraagt”, vult algemeen directeur Echten aan. “Als het in 2030 verplicht wordt, hebben wij er al een aantal jaren ervaring mee. Maar er hangt nog wel een kostenplaatje aan, waar je over in gesprek moet met opdrachtgevers.” Voor de elektrische vrachtwagen en de rupskraan kreeg Bork subsidie. “Maar ook de kleinere machines zijn ongeveer tweeënhalf keer zo duur als een diesel.”

Door de inzet van elektrisch materieel voor binnensloop is er geen herrie en geen vervuilde lucht. Foto: Jan Willem van Vliet

Beperkte capaciteit

De komende maanden draait de elektrische rupskraan nog wel. De verklaring is simpel: “Meer elektrische machines hebben we niet.” Opdrachtgevers zullen geduld moeten hebben tot er meer emissieloze sloopmachines beschikbaar zijn, want die zijn er nog maar minimaal. Niet alleen bij Bork, maar in de gehele sloopsector.

Bork wil ook nog verdere stappen gaan zetten op het gebied van circulaire sloop. “In Stuifzand bouwen we nu een nieuwe hal voor een breker die beton gaat scheiden in zijn originele bestanddelen zand, grind en cement.” Bork verwacht dat die installatie in het tweede kwartaal van volgend jaar in gebruik genomen kan worden.

Lees meer: